Samenstelling
Mineraalwater
De formule voor water is H2O; twee waterstofatomen en één zuurstofatoom. Water dat onbewerkt aanwezig is in de natuur bevat daarnaast echter altijd een hoeveelheid mineralen, soms als sporenelementen die aan het water worden toegevoegd op zijn weg door de bodem. Natuurlijk water dat verpakt wordt bij de bron wordt mineraalwater of bronwater genoemd.
Een water kiezen
Een waterkeuze wordt vaak gebaseerd op de smaak van het water. Omdat mineraalwaters echter mineralen bevatten die goed zijn voor onze gezondheid kan ook dit de keuze bepalen. Mineraalwater is dan ook een uitstekend voedingssupplement.
Mineraalwaters die zeer rijk zijn aan mineralen (bijvoorbeeld uit thermale bronnen) zijn vaak niet geschikt als dagelijks drinkwater. Deze waters (vaak Heilwaters genoemd) ondersteunen specifieke genezingsprocessen. Met name in Duitsland is hier veel onderzoek naar gedaan.
De smaak van water
De smaak van het water hangt sterk af van de grond (dus het gebied) waar het water mee in aanraking is geweest, en welke mineralen deze grond bevat. Vulkanisch gesteente bevat bijvoorbeeld veel magnesium, sulfaten, ijzer en koolzuur. Afzettingsgesteente bevat veel zouten en kalk. Hoeveel van die stoffen in het water oplossen is afhankelijk van de tijd dat water daarmee in aanraking is geweest. Koolzuur vergroot het oplossend vermogen van water, en speelt dus ook een belangrijke rol. Ook zorgt het koolzuur ervoor dat het water uitzet. De ontstane toename van volume kan zorgen voor een opwaartse druk waardoor een natuurlijke bron kan ontstaan.




